Schrijf jouw Droomboek


Droom_voor_ons_landVandaag om 16.00 uur wordt aan koning Willem Alexander officieel het Droomboek overhandigd. Voorafgaand aan zijn inhuldiging mochten alle Nederlanders hun droom insturen en in het b
oek zijn ruim 300 van deze dromen gebundeld.

Ook voor ieder Nederlands huishouden ligt een exemplaar van dit boek klaar in de boekhandel. En ik wil er eentje! Want ook al kwam mijn inzending niet door de selectie, mijn naam staat toch maar mooi genoemd in het boek voor de koning. 

Oké, toen ik de waardebon voor het Droomboek ontving, dacht ik: Wie gaat dat Droomboek lezen? Wie zit erop te wachten? Het zijn vragen die ook veel schrijvers zich stellen. Vragen, die tienduizenden Nederlands zelfs tegenhouden om te gaan schrijven. Hun boek, waar ze al jaren over dromen, wordt nooit geschreven uit angst dat niemand er op zit te wachten. Maar volgens Renate Dorrestijn in ‘Het geheim van de schrijver’ is dat geen reden om niet tot schrijven over te gaan. Dus doe iets met die droom om jouw boek te gaan schrijven!

Wat houdt je tegen om te gaan schrijven?

  • Gebrek aan tijd
  • Niet weten hoe je het moet aanpakken
  • Gedachten als ‘niemand zit erop te wachten’ en ‘ik kan niet goed schrijven’. Herken je dit? Lees dan deze blog van Kiezelcommunicatie.
  • Onzekerheid of het je zal lukken
  • Het blijft bij een vaag verlangen

Begrijpelijk. Maar je hebt dat boek toch niet voor niets in je hoofd? Je wilt er iets mee, al is het alleen maar voor jezelf, om dingen een plaats te geven. Maar misschien wil je er anderen wel mee bemoedigen of inspireren. Misschien wil je hen verder helpen door hen iets te leren. Wat jouw reden ook is, hij is belangrijk! Dus durf je droom belangrijk te maken. Dat is eigenlijk de kern. DURF JOUW DROOM BELANGRIJK TE MAKEN. En ga dan aan de slag.

Je verhaal groeit in fases

Ieder verhaal komt in fases tot stand:

  1. Fase 1 is de rijpingstijd, waarin je idee groeit. Het is de tijd van aantekeningen en kleine notitieblaadjes. Schrijf je ideeën op, over thema’s, mooie zinnen, enzovoort. Werk ze nog niet direct uit, maar laat ze verder rijpen in je hoofd en hart. 
  2. Dan komt fase 2, de verdiepingstijd. Heeft jouw personage een bepaalde baan, zoek dan eens wat meer informatie op over dat werk. Misschien doe je tegelijkertijd nieuwe ideeën op. Speelt je verhaal zich af in een cultuur of historische periode? Verdiep je hier dan in, zodat je jouw verhaal kunt inkleuren. Een verhaal heeft meer kleuren dan alleen de rode draad! 
  3. In fase 3 zet je de grote lijnen uit. Beschrijf de rode draad van je verhaal, de hoofdkarakters en hun drijfveren, de bijfiguren. Wat is het centrale probleem en wat is de oplossing? Beschrijf een beginsituatie en de eindsituatie, maar ook twee versnellingspunten, eentje op ¼ deel van je verhaal en eentje op ¾ van je verhaal. Het versnellingspunt op ¼ start het conflict in je verhaal, vanaf ¾ gebeurt er iets waardoor alles op de ontknoping afgaat. Bedenk welke gebeurtenissen dit kunnen zijn. Maak een globale hoofdstukken- of thema-indeling. 
  4. In fase 4 begin je met schrijven, maar meer als een oefening. Ontdek je stijl. Schrijf een aantal stukjes van je verhaal vanuit een verschillend perspectief, bijvoorbeeld vanuit de ik-vorm, in de vertellende vorm, in dagboekstijl, in verleden of tegenwoordige tijd, kortom; oefen met de stijl die bij jou past. Iedere stijl heeft zijn eigen voordelen en beperkingen, dus ontdek deze voor jezelf. Vraag je ook af voor wie je schrijft: een boek voor mannen is vaak anders geschreven dan een typisch vrouwenboek. 
  5. In fase 5 ga je echt aan de slag. Die is NIET belangrijker dan de vorige fases, maar misschien wel de lastigste. Een paar tips:

Tips om te gaan schrijven

  • Breng routine aan. Misschien droom je ervan om je dagenlang volledig op het schrijven te storten, maar als je ook nog een gezin en een baan hebt, dan is dat een illusie. Accepteer dat en stap over op plan b: iedere dag een (half) uurtje schrijven. Dat is beter dan niét schrijven en het brengt je in een bepaalde flow. In je hoofd gaat je creativiteit namelijk verder. Zorg dat je altijd een notitieboekje bij de hand hebt en schrijf ’s avonds (of wanneer jij jouw schrijfuurtje hebt) alles uit. 
  • Bewaak jouw schrijftijd met hand en tand. Zet je mobiel uit, trek je even terug, negeer je verlepte planten in de vensterbank en ga schrijven. Durf je droom serieus te nemen, ik herhaal het nog maar eens. Durf je droom serieus te nemen, voor jezelf, maar ook tegenover anderen. Dit wil jij. Zo simpel is het. 
  • Houd de lange termijn voor ogen. Er zijn fulltime schrijvers die erin slagen elke dag 1 goede pagina tekst te schrijven van zo’n 450 woorden. Hoor je wat ik zeg: fulltime, 1 pagina! Dan heb je na een jaar een boek van zo’n 300 A4’tjes. Maar jij werkt er niet fulltime aan en je wilt misschien ook niet zo’n dik boek schrijven. Je boek hoeft dus niet in een maand af te zijn, maar tegelijkertijd kan het wel helpen om een termijn te bepalen. Teveel vrijheid is maar al te verleidelijk om het boek af te hebben. Maak dus een planning en werk daarnaar toe. Wanneer moet je structuur af zijn (fase 3)? Wanneer wil je beginnen (fase 5)? Wanneer moet hoofdstuk 1 zijn geschreven? En wanneer wil je dat het complete boek af is? 
  • Schrijf en herschrijf. Je zinnen hoeven nog niet direct volmaakt te zijn, maar iedere zin brengt je dichter bij je doel. Er komt altijd nog een tweede ronde, waarin je zinnen en hoofstukken gaat herschrijven. Blijf niet te lang hangen bij een onvolmaakte zin. Lees niet direct terug wat je hebt gelezen, maar wacht daar een paar dagen mee. Het moment van schrijven is het slechtste moment om terug te lezen en te gaan herschrijven. Maar herschrijven is wel nodig om je tekst nog krachtiger te maken. 
  • Begin eerst als blog. Vind je het idee van een boek te groots, overweeg dan te beginnen met het schrijven van blogs. Heeft als voordeel dat je jezelf een routine oplegt, maar geeft ook het lichte gevoel dat het ‘geen boek’ is. Bovendien helpt het je om je gedachten te ordenen. En je zult niet de eerste zijn die zijn blogs later alsnog uitgeeft in boekvorm. 
  • Zoek motivatie en hulp buiten jezelf. Er zijn allerlei schrijfcoaches die je kunnen helpen om bijvoorbeeld die structuur op te zetten, te wijzen op inconsequent schrijfgedrag, ofom je te motiveren als je tegen een writersblock aanloopt. Ook mij kun je daarvoor inhuren. Lees boeken en tijdschriften over schrijven of blogs van schrijvers en schrijfcoaches. Vraag vrienden om mee te lezen en tips te geven. Trek de stoute schoenen aan en stuur een aantal pagina’s naar een uitgever en vraag om feedback. Doe schrijfoefeningen. Zoek een schrijfclub, bijvoorbeeld via de bibliotheek. En surf regelmatig naar Boekschrijven.nl of Schrijvenonline.org.
  • Tot slot: wees streng, maar liefdevol voor jezelf, en blijf schrijven. Herschrijven. En nog eens. Houd vol, en je droomboek in zicht…
Met hartelijke schrijversgroet,
Joyce

P.S. Wat houdt jou tegen om vandaag te beginnen? Ga ervoor!