Taalverrijking door Koningsdag

Nog een paar weken, dan is het Koningsdag. Of Koninginnedag. Of allebei. Officieel vieren we pas vanaf volgend jaar Koningsdag, maar in de praktijk gebruiken we de term nu al volop. Het lijkt alsof Nederland niet snel genoeg kan overstappen op de nieuwe term.

Oranje Boekje

Over nieuwe termen gesproken: gisteren werd op de website van Van Dale (van dat bekende woordenboek) officieel het Van Dalen Oranjeboekje gelanceerd. Tot en met 3 mei wordt de site dagelijks bijgewerkt en via de sociale media kan iedereen suggesties insturen. In het Oranjeboekje worden alle woorden en uitdrukkingen opgenomen die in de media opduiken rond de kroning van Willem-Alexander. Van Dale geeft bij deze woorden een keurige definitie. Zo is een ‘netwerkkoning’ een koning die niet werkelijk regeert, maar via zijn netwerk invloed probeert uit te oefenen op het openbare bestuur. De typering komt uit Reformatorisch Dagblad van 29 januari 2013.

Omdat veel mensen op 30 april waarschijnlijk thuisblijven bij de televisie voor de officiële inhuldiging van Willem-Alexander inhuldiging worden op 27 april al allerlei Koninginnedag-activiteiten gehouden. De EO zet de koningin in ieder geval nog even in het zonnetje met een gratis DVD.

Oranje_strikOm de officiële activiteiten te onderscheiden van andere initiatieven, is er door het Nationaal Comité Inhuldiging een Oranje Strik ontworpen.

 

Schaakgedichten voor de koning

Onze taal wordt op nog allerlei andere manieren verrijkt door de aanstaande Koningsdag. Bijvoorbeeld door de (gewaarmerkte) actie Schaakgedichten voor de Koning. Alle schaakliefhebbers en andere dichters kunnen hun schaakgedichten en schaakrijmpjes insturen. Uiteindelijk worden de beste gedichten in boekvorm overhandigd aan het nieuwe vorstelijke paar.

 

Ook zullen we straks, naast het Wilhelmus kunnen meezingen met een officieel Koningslied (of dat nu wel of niet geïnspireerd is door Matt Redman’s ‘Praise the Lord, oh my soul).

Inspiratie voor de koning

Aan inspiratie hoeft het onze nieuwe vorst niet te ontbreken. Daar zorgt het (Oranje gewaarmerkte) Dromenboek wel voor. Iedere Nederlander met een verrassende, inspirerende en begrijpelijke droom voor ons land kan deze tot en met de inhuldiging delen op de site Deel Jouw Droom (https://deeljouwdroom.nl/). Die dromen zijn niet alleen voor Willem-Alexander en Maxima bedoeld, maar ter inspiratie voor alle Nederlanders. Vijftig dromen worden uiteindelijk geselecteerd voor een boek dat op 5 september aan de Koning en Koningin wordt aangeboden, en elk Nederlands huishouden krijgt via de boekhandels of per e-mail een kopie van het boek.

Op de site duiken ieder uur weer nieuwe dromen op, zoals

  • “Wat zou het toch mooi zijn als onze toekomstige Koning amnestie zou verlenen aan studenten die vast geketend zitten aan een enorme financiële schuld!”– Stef Geurtzen
  • “Mijn droom is aandacht voor vervolgopleiding en werkmogelijkheden voor jongeren met een ernstige lichamelijke beperking meestal door een progressieve ziekte” -Lina Hemmen
  • “Stop het pesten!”
  • “Minder risico’s voor ondernemers”
  • “Een beter stemsysteem”
  • “Dat Inline-Skaten een Olympische sport wordt”

Zouden de republikeinen in ons land nu ook hun droom insturen op deze site, en zou die droom dan worden geplaatst? Geselecteerd voor het Dromenboek? Of blijft dat voor hen voorlopig alleen een droom…

 

Preken voor de koning

In navolging van het Dromenboek is de site Preken voor de Koning in het leven geroepen. Volgens de organisators is de oproep van het Nationaal Comité Inhuldiging tot een nationaal Dromenboek bijna de vraag naar een collectieve preek. Op deze site kan dus ook iedereen zijn droom delen, maar dan op basis van de Bijbel. Volgens de site een ‘Boek dat volstaat met kritische kanttekeningen bij de rol van de koning, maar ook een boek dat ademt van inspiratie voor de toekomst, toekomst die door bladzijden heen tevoorschijn komt als bron van hoop.’

 

De droom van Herman

Ik verzucht geregeld dat ik dankbaar ben, dat ik niet in de politiek zit. Om in zo’n omgeving je droom en idealen voor ons land vast te houden, dat lijkt me een uitdaging. En dat is het in het gewone leven al genoeg! En dus droom ik voorlopig maar mee met Herman Boon en zijn droom.

Ik droom, ja ik droom, ‘t is één van mijn gekke wensen,

ik droom, ja ik droom, van een stadion vol mensen,

die juichen nou eens niet voor de helden van de sport,

maar juist eens voor hen voor wie nooit eens gejuicht wordt!

 

Wat is jouw droom, eigenlijk? Inspireer me gerust en reageer!

Groet,
Joyce